• De Villa
• Villa in de 1e eeuw 
• Villa in de 2e eeuw
• Villa in de 3e eeuw
• Plattegrond
• Structuren omgeving
• De Via Belgica
• Waar ?
• De toekomst
• Links
• Informatie
Villa Rustica Voerendaal

Verslag opgravingen 1985-1987

In december 1987 is de opgraving van de Romeinse villa aan de Steinweg te Voerendaal beëindigd. Het onderzoek werd uitgevoerd door de ROB en heeft precies 3 jaar in beslag genomen. 

Het totale opgegraven areaal is hiernaast weergegeven. In de periode 1985-1987 iis niet minder dan 6 ha compleet opgegraven. Daarmee is een gebied van zo'n 9 ha voldoende onderzocht. Het hoofdgebouw bleef grotendeels buiten beschouwing omdat het ook in de toekomst een beschermd archeologisch monument zal zijn. 

De overige niet onderzochte stukken bevatten ofwel nauwelijks grondsporen ofwel zeer diep onder het maaiveld gelegen en goed geconserveerde overblijfselen, die vooralsnog geen gevaar lopen. Deze laatste liggen vooral op het laagst gelegen deel van het perceel, aan de Steinweg. in 1987 is overigens duidelijk geworden dat zich onder de Steinweg nog intacte funderingen en andere sporen bevinden. Ook het perceel ten zuiden van de weg, tot aan de Hoensbeek, bevat op grote diepte nog talrijke overblijfselen uit de Romeinse Tijd en de Vroege Middeleeuwen. 

Helaas kon in dit terrein niet gegraven worden, maar boringen hebben uitgewezen dat het maaiveld uit de Romeinse Tijd ca. 2 m onder het huidige oppervlak ligt.

 

Het centrale deel van het opgegraven gebied is weergegeven op de afbeelding hiernaast. De aangegeven gebouwen behoren bijna allemaal tot de grote villa uit de 2e en 3e eeuw. Omdat de analyse van de grondsporen van de - merendeels houten - gebouwen uit eerdere én latere fasen van de bewoning nog moet beginnen, zijn deze hier weggelaten. Wél zijn een aantal andere sporen uit deze fasen, met name greppels, aangegeven. 

De opgegraven funderingen zijn aangevuld met de gegevens uit de eerdere opgravingen, niet alleen die van het RMO (1929 en 1947-1950) maar ook die van Habets (1892-1893). Inmiddels is namelijk gebleken dat bij het onderzoek van Braat aanzienlijke meetfouten zijn gemaakt, waardoor de door hem gepubliceerde plattegrond onnauwkeurig en onvolledig is. In 1987 is geconstateerd dat diverse door Habets ingemeten muren wel degelijk aanwezig zijn, hoewel ze op de plattegrond van Braat ontbreken. 

Deels is dit verklaarbaar door de genoemde meetfouten, ten dele ook doordat bij het onderzoek van Braat, 50 jaar na dat van Habets, bepaalde ondiep gelegen structuren al waren verdwenen. In ieder geval heeft de huidige opgraving het vertrouwen in de resultaten van Habets zeer versterkt. In twee gevallen blijkt Habets zelfs 'gewone' grondsporen, dus geen funderingen, te hebben herkend: voor die tijd een opvallende prestatie. 

Tegenwoordig is dat niets bijzonders, maar het onderzoek van dergelijke grondsporen heeft ook in 1987 weer tal van verrassende ontdekkingen gebracht. Deze hebben vooral betrekking op de bewoningsfasen vóór en ná het bestaan van de grote villa.

Een van de perceleringsgreppels (fossae limitales) rondom de villa is in feite ouder  en behoort tot een voorafgaande inheemse nederzetting. De vondsten bestaan hoofdzakelijk uit handgevormd, inheems aardewerk en vuursteen, af en toe ook een stukje Romeins baksteenpuin. De datering van deze aanleg blijft tamelijk onzeker: ca. 50 voor tot ca. 50 na Chr. 

In 1987 zijn echter een aantal nieuwe gegevens verkregen. Binnen de greppel zijn sporen van diverse houten gebouwtjes gevonden, allemaal zeer eenvoudig van structuur. Grote huizen ontbreken, al kan een gedegen analyse van de duizenden opgetekende paalsporen in de toekomst toch heel goed alsnog het bestaan van dergelijke boerderijen aantonen. Van groot belang was vooral de ontdekking van een tweede rechthoekig afgegrensd terrein binnen de al bekende greppel, dat ook verband houdt met de inheemse bewoning en wellicht zelfs met de vroegste vestiging op het terrein. 

De begrenzing wordt in dit geval niet gevormd door een greppel maar door een ech te, oorspronkelijk 2.5 m diepe en 35 m brede gracht met V-vormige doorsnede. De vondsten bestaan uitsluitend uit vuursteen en inheemse keramiek, die ook op het binnenterrein van ca. 90 m bij minimaal 74 m in grote getale voorkomen. Ook een greppel hoort bij deze nederzetting. Ongetwijfeld gaat het dus om een inheemse, versterkte nederzetting. Vergelijkbare nederzettingen zijn in het aangrenzende Duitse en Belgische gebied gevonden, bijvoorbeeld te Niederzier (Joachim 1982) en bij de grote villa van Latinne, provincie Luik (Plumier 1987). Ze dateren uit de Late IJzertijd. 

Er ontbreken  sporen van een wal aan de binnenzijde van de gracht, hoewel die er wel geweest kan zijn. Het is waarschijn lijk dat deze versterkte nederzetting de eerste bewoning ter plaatse representeert. Het veel grotere terrein binnen greppel a kan daar bij horen, maar het kan ook een latere fase zijn. In ieder geval is de greppel langer open gebleven want de vulling bevatte, in tegenstelling tot die van de gracht, ook wat Romeinse baksteen.

 



   Plattegrond hoofdgebouw

Overzicht van de opgravingen 1985-1987. Op het overzicht zijn aangegeven de funderingen van de grote villa en enkele andere grondsporen, deels uit voorafgaande en latere bewoningsfasen. De plattegrond is aangevuld met gegevens uit eerdere opgravingen (Braat 1953).

   Legenda

1 Greppels en kuilen. 
2 Opgegraven fundamenten en muren van de grote villa. 
3 Stenen aan- en afvoergoten voor water. 
4 Gereconstrueerde fundamenten of aan- en afvoergoten. 
S Vijver. 
6 Gereconstrueerde weg., 
7 Laat-romeinse funderingen. 
8 Hutkommen, laat 4e tot 7e eeuw. 
9 Graven. 
10 Begrenzing van het in 1985-1987 opgegraven areaal

  Bodemvondst

   Overzicht opgravingen


Home   ::   Over deze website   ::   Contact   ::   Links      

www.villarustica.nl - copyright 2008 - website by www.rowini.nl